Wij slaan de brug tussen

onderwijs en ict

Zelfregulering: 21e eeuwse vaardigheid

In een tijd waarin er steeds meer prikkels op kinderen en volwassenen afkomen en er meer gevraagd wordt van hun zelfsturend vermogen, is zelfregulering een belangrijke vaardigheid. Denk aan de vele mailtjes die binnenkomen: je werkt de hele dag je mailbox bij, terwijl je dat belangrijke stuk wat je wilde schrijven, aan het eind van de dag nog niet geschreven hebt. Of alle triggers van Social Media die door de dag heen telkens je aandacht vragen. Wie goed is in zelfregulatie, bereikt sneller en succesvol dingen die het leven de moeite waard maken. Voor het onderwijs is hierbij een belangrijke rol weggelegd.

Wat is zelfregulering?

Zelfregulering is het vermogen om een taak of proces doelgericht te kunnen voltooien en verantwoordelijkheid te nemen voor het eigen handelen.

In veel definities komen de volgende bewoordingen terug:

  • verantwoording nemen voor eigen handelen en keuzes
  • plannen en time management
  • doelgericht en passend gedrag vertonen
  • kunnen concentreren en motiveren
  • reflecteren, omgaan met feedback
  • inzicht hebben in eigen ontwikkeling

Simpel gezegd zorgt zelfregulatie voor efficiënter leren, omdat de leerling de leerstof beter kan structureren en zich meer bewust is van het leerproces.  Mensen met een grote zelfregulering zijn in staat om alles om zich heen actief buiten te sluiten, vooral de dingen waar ze eigenlijk liever hun aandacht aan zouden geven, zoals je mobiele telefoon of je mailberichten. Dat is in deze tijd een hele uitdaging.

De wereld buiten je hoofd

In juli 2016 interviewde Marianne Eggink in opdracht van Kennisnet Matthew Crawford, de auteur van het boek ‘de wereld buiten je hoofd’. In dat interview zegt Crawford onder meer:

“Ik zie zelfregulatie als een spier. Hoe meer je die gebruikt hoe sterker die wordt. Maar de spier heeft ook zo zijn grenzen en kan vermoeid raken. Je kan niet de hele dag je aandacht reguleren. Maar die grenzen aan ons vermogen om aandacht te reguleren, worden wel belangrijker. We worden steeds meer omgeven door technologie en apparaten die juist gemaakt zijn om onze aandacht te vragen. Daardoor wordt ons mentale leven steeds meer gefragmenteerd. Het is de vraag of we nog steeds onze doelen even goed en effectief kunnen bereiken of dat we steeds vaker afgeleid raken.”

Crawford stelt dat kinderen zelfregulatie niet van nature meekrijgen ‘en dat jonge kinderen hier nog slechter in zijn dan dieren.’ Leerlingen dienen zich een volhardende houding eigen te maken, die door opvoeding en school gekweekt dienen te worden.

De rol van het onderwijs
De ontwikkeling van zelfregulatie is deels een natuurlijk proces, maar kan ook goed getraind worden. Het onderwijs speelt daarbij een belangrijke rol. Als leerkrachten deze vaardigheid  kunnen herkennen en stimuleren, komt dat ten goede aan het welzijn van de kinderen en hun onderwijsopbrengsten.

Van peuter tot puber zorgt de toenemende zelfregulering ervoor dat het werkgeheugen verbetert, dat kinderen hun emotionele reacties steeds beter in goede banen kunnen leiden en dat ze steeds beter leren vooruit te denken en te plannen.

Werken met leerdoelen
Zelfregulatie is een cyclisch proces waarbij verschillende vaardigheden betrokken zijn. Kinderen formuleren een leerdoel op basis van kennis en ervaring uit het verleden. Het leerdoel wordt vervolgens nagestreefd door het maken van een planning, het monitoren van gedrag en het reflecteren op het leerproces. Hierbij is het van belang dat leerlingen de motivatie hebben om zelfregulerend te werk te gaan.

Je kunt leerlingen deze vaardigheid aanleren door leerlingen voorafgaand aan een opdracht te vragen wat voor doelen ze zichzelf stellen. Tijdens het maken van de opdracht kun je vragen hoe leerlingen de opdracht aanpakken en waar ze hun aandacht op richten. Nadat de opdracht gemaakt is, kun je vervolgens vragen wat goed en minder goed ging en wat leerlingen de volgende keer anders zouden doen.

Als leerkracht heb je ook met je eigen zelfregulerende gedrag een grote invloed op het aanleren van deze vaardigheden. Vooral wanneer leerlingen zelf nog niet zo goed zijn in zelfregulatie leren ze veel door jou te observeren. Een goede strategie om zelfregulatie te bevorderen is daarom te laten zien hoe je zelf activiteiten aanpakt en hierbij expliciet te benoemen wat je doet. Leerlingen krijgen zo een voorbeeld hoe zelfregulatie tijdens de les eruit kan zien en kunnen op deze wijze onder begeleiding oefenen met zelfregulatie.

Praktische handreiking SLO
Het SLO ontwikkelde zelfregulatie-vragenlijsten en hulpkaarten waarmee je als school zelfregulatie bij leerlingen kunt bevorderen. Deze materialen zijn via de laatstgenoemde link bij de bronvermeldingen gratis te downloaden.

Henk van de Hoef

Links:

Thijs, A., Fisser, P., & Hoeven, M. van der (2014). 21e eeuwse vaardigheden in het curriculum van het funderend onderwijs. Enschede: SLO.